Voedingstips voor de chinchilla


Deze kleine knagers hebben een bijzonder gevoelige maag. Wij tonen je met welk voedsel de stofwisseling van je chinchilla’s gezond blijft en wat de diertjes graag eten.

Hun oorspronkelijke thuis is in het Andesgebergte. De droge omgeving biedt in het wild levende chinchilla’s karige kost. Ze eten grassen, kruiden, blaadjes, boomschors, bladeren en cactussen. Daarom moet ook het voer van chinchilla’s huisdieren zo karig mogelijk zijn. Weinig vetten en eiwitten, en veel ruwe vezels, mineralen, koolhydraten en vitamines; dat is waar de gevoelige maag van een chinchilla behoefte aan heeft.

Weide- en groenvoer
Het ideale chinchillabuffet is een wilde weide met verschillende grassen en kruiden, die de dieren voorzien van alle benodigde voedingsstoffen. Omdat weides niet het hele jaar door ter beschikking staan, grijpt men terug op gedroogd voedsel. Hooi houdt door zijn hoge aandeel aan ruwe vezels de stofwisseling van de diertjes actief en helpt de continu doorgroeiende kiezen af te slijten. Let er bij het voeren op dat je goed droog en kwalitatief hoogwaardig hooi geeft. Behalve weideplanten houden chins ook van groenvoer als selderijblaadjes en het groen van wortels – ze houden van vers.

Groente en fruit
Verse kost wordt verder echter afgeraden omdat de dieren er niet goed tegen kunnen. Als jouw chinchilla’s echter aan vers groenvoer gewend zijn, mag je best eens een blaadje sla of een mini-portie knollen of pompoen geven. Fruit moet je zoveel mogelijk beperken. Als je het geeft, bied dan aardbeien, frambozen en bramen aan. Een bijzondere lekkernij is gedroogde groente. Denk daarbij bijvoorbeeld aan venkel of erwtenvlokken. Maar geef dit altijd in kleine hoeveelheden.



Pellets en zaadmengsels
Lange tijd was chinchillavoeding zonder pellets ondenkbaar. Pellets bevatten echter naast groenvoer en kruiden helaas ook melasse, suiker, granen en andere ‘afvalstoffen’. Chinchillahouders die het goed willen doen, gaan daarom toenemend over op een pelletvrije voeding. Dit vraagt echter om veel ervaring en geduld, want het omschakelen van een chinchilla op nieuwe voeding kan maanden duren. Daarom kun je als beginner, ondanks alle kritiek, toch beter starten met pellets. Werp echter altijd eerst een kritische blik op de lijst van ingrediënten. Als bijvoeding kun je sesam, lijnzaad en gierst aanbieden.

Om te knabbelen
Gedroogde takjes worden graag beknaagd en beperken de constante groei van de snijtanden. Het echte knabbelwerk moet chinchilla’s altijd ter beschikking staan. Gebruik alleen onbespoten twijgen en verwijder de blaadjes als je dieren nog geen groenvoer gewend zijn. Anders worden ook takken met bladgroen zeer gewaardeerd. Geschikt zijn takjes van
appel-, peer- en hazelnootbomen.

Vers water
Ook dagelijks vers water mag niet ontbreken bij chinchillavoeding. Leidingwater is prima want is hier van een hoge kwaliteit. Bied het water aan in een stevige schaal, zodat de diertjes in een normale houding kunnen drinken. Speciale knagerdrankjes uit de dierenwinkels zijn niet nodig; daar zitten teveel extra’s in die de dieren niet nodig hebben.

Extra tip: Observeer je dieren – en bekijk hun uitwerpselen. Als er verkeerd gevoerd wordt kunnen er stofwisselingsproblemen optreden, waar je dan snel op moet reageren.

Uit: Hart voor Dieren

 


2622 31-10-2017

social media